Bikepacking door Noorwegen
Mother North is een selfsupported bikepacking-tocht door Noorwegen: geen begeleiding, geen bevoorrading, alleen jijzelf, je fiets en wat je aan bagage meesleept. De route van dit jaar voerde over 1.150 kilometer en bijna 19.000 hoogtemeters, met start en finish in Lillehammer. Samen met mijn zwager Wilfred Greup ging ik de uitdaging aan.
Dag 1 —Stor-Elvdal (178 km, 2.950 hm)
We vertrokken in grijs weer en reden meteen een lange eerste dag door bossen, over hoogvlaktes en langs meren en rivieren. Het was gezellig om de andere deelnemers te ontmoeten op de fiets. Ondanks de benen die moesten wennen hielden we het tempo erin en bereikten in de avond de camping in Stor-Elvdal — die eigenlijk vol zat, tot we alsnog een plekje wisten te bemachtigen. De warme gevriesdroogte maaltijd ging er goed in.




Dag 2 —Vinstra (150 km, 1.280 hm)
De tweede dag begon rustiger, met een ontmoeting bij de supermarkt met een Italiaanse deelnemer die een stuk met ons meefietste. Onderweg meldden zich versnellingsproblemen bij ons beiden — bij mij veroorzaakt doordat mijn drogende ondershirt in de derailleur terechtkwam. Via het koude maar prachtige Grimsdalen kwamen we uit in Dovre. In Vinstra boekten we een cabin en lieten de volgende ochtend beide fietsen bij een fietsenmaker afstellen.




Dag 3 —Lom (190 km, 3.080 hm)
Wat een prachtige dag over de Jotumheimvegen. We kruisten regelmatig het pad van andere deelnemers: Jarred, een Amerikaanse renner, en Manja, die met opvallend doorzettingsvermogen dag na dag extreem lange etappes reed — deze dag begon ze om 02.00 uur en kwam ze pas laat in de avond aan. Op een col op ruim 1.380 meter zagen we onze eerste rendieren. We sloten de dag af in Lom, waar we overnachtten in een trekkershut met zicht op de houten staafkerk.




Dag 4 —Øvre Årdal (123 km, 3.010 hm)
De dag begon met regen en een klim naar het prachtige Sognetfellet. Na Øvre Årdal liep het anders dan gewenst. Tijdens een steile klim van 17 kilometer raakten Wilfred en ik elkaar kwijt door een reeks tunnels waar de gps het spoor verloor. Terwijl we tijdens de klim zware regen- en wind trotseerde had Wilfred de weg gevolgd en ik de route via een gravelpad. Na een onrustige periode zonder contact vonden we elkaar uiteindelijk weer terug, via het thuisfront, en keerden terug naar Øvre Årdal. Die ervaring was voor ons het moment om de race te beëindigen: we hadden gemerkt dat we, gezien de gereden kilometers, tot de snellere deelnemers behoorden, maar ook dat we bewust tijd namen voor rust, mooie plekken en de omgeving — en dat die keuze niet samenging met doorrijden onder deze omstandigheden.




Dag 5 —Fagernes (71 km, 680 hm)
We besloten de resterende dagen in eigen tempo af te maken en de route af te snijden. Niet meer als deelnemers aan de race maar als reizigers. Dat leverde mooie momenten op: een gezamenlijke fietsdag met twee Belgische deelnemers wier bus- en fietslogistiek even in de knoop zat, en het nieuws dat Manja er met een geïmproviseerde reparatie in slaagde haar remmen weer werkend te krijgen. Na vele kilometer turen werden we deze dag eindelijk beloont met een Eland. We overnachtten op de prachtige camping in Fagernes aan het meer.




Dag 6 —Lillehammer (108 km, 2.170 hm)
Op de laatste dag pakte we de route weer op en reden we over gravelpaden, langs watervallen en meren, met nog een laatste pittige klim van 7 kilometer voor de afdaling naar de finish. In Lillehammer haalden we net voor de finish de Belgische dames weer in en reden samen met hen binnen, verwelkomd door organisator Bruno en een aantal andere renners. We kregen zelfs nog onze “almost” finisher medaille.
Wat bleef hangen was vooral het respect voor de andere deelnemers: voor iedereen die op tijd finishte, voor wie zoals Clara een nacht doorreed nadat ze een deel van haar bagage kwijtraakte, en voor de onderlinge hulpvaardigheid onderweg. Mother North was een fysiek zware, maar bovenal prachtige ervaring — ruig, wisselvallig en onvergetelijk mooi.




Film en meer foto’s
Klik op deze link voor alle foto’s. De route van de Mother North tref je aan op de Follow my Challenge site.
Materiaal en voorbereiding
Fiets
De 8bar Grunewald functioneerde uitstekend. Het verzet was op vlakke stukken en afdalingen prima, maar bij langere beklimmingen boven de 13% hadden we graag een lichter verzet gehad. De zithouding — met opzetstuur — beviel goed: geen last van dode handen of stijve schouders. De DT Swiss G1800 wielen, Vredestein Aventura 44mm banden en Gilles Berthoud leren Aravis zadel deden het probleemloos; de bandenspanning (2,2 bar) hebben we onderweg twee keer bijgesteld.

Bagage en uitrusting
De keuze voor een Six Moon Design Lunar Solo tent gaf twee goede nachten op de camping. Weegt dat gewicht met volume af tegen tegen dit comfort? De slaapzak was aan de koude kant bij temperaturen tussen 0 en 5 graden; een donzen slaapzak of quilt was een betere keuze geweest. De voor- en achtertassen van Restrap zaten stevig vast, ook tijdens staand klimmen, al was de opbergruimte na het doen van boodschappen soms krap. Een waterdichte hoes voor de telefoon met wc-papier is onmisbaar bij nat weer. De frametas ving best veel wind. De MSR Pocket Rocket was toch erg fijn om een kop warme oploskoffie mee te zetten.
Kleding
De fietsbroek, onderkleding in verschillende dikten en het Q36.5 fietsshirt beviel goed, net als de Gore Wear regenjas , de sokken en de overschoenen. Minder geslaagd waren de sandalen (achteraf hadden slippers volstaan) en de lange warme fietsbroek, die niet lekker zat en beter vervangen had kunnen worden door een makkelijk aan/uit te trekken regenbroek. De Lake CX238 Wide fietsschoenen met carbon zoon zijn lekker stijf. Ze blijken echter minder geschikt voor langere stukken lopen bergop. Bij een dergelijke tocht in snel veranderend weer is het snel aan en uit kunnen trekken van lagen van belang.
Voeding
Voor het drinken heb ik een USWE RACE 2.0 Drinkrugzak. Hier kan (bijna) twee liter water in en zit lekker hoog op de rug. Hierdoor kan je nog goed gebruik maken van de achterzakken van fietsshirt. De slang klikt met een magneet makkelijk vast. Verder heb ik een 33cl bidon met een tablet electrolyte. Vanwege het koelere weer is dit minder belangrijk. Voor iedere dag had ik een zakje soft energy gums voor snelle energie. Daarnaast ook voor iedere dag een long gel drink voor langdurige energie. Met een beetje plannen zijn er onderweg zijn er onderweg genoeg supermarkten. Sommige zijn zelfs van 7 tot 23u uur open. Vooral Griekse yoghurt met muesli en honing ging er erg goed in. Hou er rekening mee dat eten en drinken in Noorse restaurants erg duur is.

Route en planning
Een tocht van 1.150 kilometer met bijna 19.000 hoogtemeters is ambitieus binnen de gestelde tijdslimiet, zeker in combinatie met volledig selfsupported reizen (inclusief tent, matje en slaapzak). Voor ons bleek zo’n 150 kilometer en 3.000 hoogtemeters per dag het maximum om nog echt te kunnen genieten van de reis, natuur en cultuur. Voor het navigeren maak ik gebruik van Garmin 1030 plus. Het zoeken naar winkels en restaurants etc gaat via mijn iPhone en Google Maps. Het vooraf printen en lamineren van de dagplanning werkte goed, net als de offline kaarten-app Organic Maps. Een vast dagritme — bijvoorbeeld steeds om 7 uur opstaan en om 8 uur vertrekken — zou nog meer rust in de dagindeling hebben gebracht.
Lichaam
Het lichaam bleek goed in staat de dagelijkse afstanden te verwerken, zonder klachten aan nek, schouders of zitvlak. Wel ontstond door te zwaar fietsen, vanwege versnellingsproblemen, lichte overbelasting van de rechterknie en spanning in de linkerkuit — reden om onderweg vaker te rekken en strekken, en ’s avonds en ’s ochtends te masseren. Voor het zitvlak heb ik de Assos chamois créme voor zowel voor als na het fietsen.
